Hieronder kunt u persoonlijke getuigenissen van gemeenteleden van de Christengemeente Meerkerk terugvinden.

Naar verwachting zal deze lijst aangevuld gaan worden

Getuigenis Leo:

leo1(Maart 2020)  Mijn naam is Leo Timmer, 51 jaar en ben al 29 jaar gelukkig getrouwd met Jolanda. Samen hebben we 4 kinderen Jesse (28), Petra (25), Thijs (23) en Daniël(18). Naast de activiteiten in de Christengemeente ben ik dagelijks actief als adviseurbemiddelaar in de pluimveesector. ‘k Ben geboren op een boerenbedrijf in Meerkerk als vierde kind in een gezin met vijf kinderen. Mijn ouders waren meelevend lid van de plaatselijke kerk waardoor ik met het christelijk geloof opgegroeid ben. Hierdoor heb ik nooit aan het bestaan van God getwijfeld en daar ben ik mijn ouders nog steeds dankbaar voor.

Vanaf mijn kinderjaren ging ik serieus met God om en nam actief deel aan catechisatie, jeugdwerk ect. Op m’n 20e heb ik mijn vrouw Jolanda leren kennen. Tijdens onze verkeringsperiode deden we samen “belijdenis van het geloof” in de kerk. Voor mij was dat op dat moment meer een beamen van de leer van de kerk dan een persoonlijke keuze maken voor Jezus, waarbij ik Hem accepteerde als mijn persoonlijke verlosser die mij een nieuw leven geeft.

In theorie begreep ik het goed, maar ik beleefde dat allemaal niet zozeer. Bijzonder vind ik het dat ik als belijdenistekst meekreeg: Romeinen 1:16: “Want ik schaam mij het evangelie niet; want het is een kracht Gods tot behoud voor een ieder die gelooft, eerst voor de Jood, maar ook voor de Griek.”

Persoonlijk geloof is later gaan groeien doordat er mensen op mijn levensweg kwamen waarvan merkbaar was dat ze echt een persoonlijke relatie met de Here Jezus hadden.

Deze mensen wekten bij mij een positieve jaloersheid op door hun manier van geloven en de manier waarop ze daarover spraken. Na ons trouwen was ik op een zogenaamde “praise-avond” van de EO en daar klopte de Heer zo duidelijk aan mijn hart dat ik naar voren ben gegaan na een oproep tot toewijding aan Jezus. Op dat moment werd er met mij gebeden en heb ik hem echt als de Heer van mijn leven binnengelaten.

In deze periode heb ik ook mijn schoonmoeder op vijftigjarige leeftijd op haar sterfbed tot dezelfde overgave zien komen hetgeen een heel diepe indruk op mij heeft achtergelaten. Vanaf toen ben ik, samen met Jolanda, op zoek gegaan naar Gods plan met ons leven. We maakten een periode mee van groei in ons geloofsleven waarin ik mijn dagelijkse werk voor een jaar aan de kant zette om een jaar fulltime bijbelschool te doen. Samen volgden we ook de “Grote Opdracht School” en de Alpha Cursus. Tijdens de “Alpha Cursus” kwam er een sterk verlangen naar meer doorwerking van de Heilige Geest in mijn leven. Hierbij had ik ook een sterk verlangen naar de gaven van de Geest. Nadat ik persoonlijk daarom bad gaf de Heer me ook de tongentaal als gebedstaal, waar ik iedere dag nog dankbaar voor ben.

leo2Dit was ook de periode waarin de Heer me liet zien dat ik me in gehoorzaamheid moest laten dopen zoals dat in de bijbel staat. In onze eigen kerk kon dat niet en ik wist ook niet waar ik dat dan moest laten doen, dus ik zei tegen de Heer: ik ben bereid, als U het wilt, baan maar een weg. Veel sneller dan ik verwachtte kon ik me laten dopen in een bijeenkomst waar ik niet met die bedoeling heenging en waarvan ik niet eens wist dat daar een mogelijkheid was om je te laten dopen. Hierin heb ik zo duidelijk Gods leiding ervaren dat ik me terstond heb laten dopen zonder dat er ook maar één bekende van me aanwezig was, (de meeste van mijn bekenden zouden het er overigens niet mee eens zijn)

Zelfs mijn eigen vrouw Jolanda, die op dat moment depressief was (haar persoonlijke getuigenis kunt u hier lezen) was er niet bij. Binnen één week na mijn doop is zij wonderlijk genezen en heeft ze zich ook in ‘t geloof laten dopen door onderdompeling. In dit proces hebben we heel duidelijk ervaren dat gehoorzaamheid de sleutel is om verder te komen in onze weg met de Heer.

Sinds die tijd hebben we ervaren dat ons leven steeds stabieler is geworden en mogen we nu de Heer dienen in ons gezin, in ons werk en in de gemeente. Het geweldige van het leven met God is dat niet de omstandigheden waarin we leven ons leven bepalen maar onze relatie met de Heer. Net als alle andere mensen in deze wereld hebben we ook nog wel eens te maken met moeilijkheden, (bijv. Daniël, onze jongste zoon is geboren met een open ruggetje met veel bijkomende beperkingen en in de pluimveesector waarin wij ons inkomen verwerven is het de laatste jaren ook niet altijd vanzelf gegaan) maar we weten: ons leven is in Gods hand en niemand zal het daar uit roven.

Wanneer wij onszelf onderwerpen aan Hem door ons aan Hem over te geven en Hem te gehoorzamen dan zorgt Hij absoluut voor ons en gaan we een geweldige toekomst tegemoet! De vreugde die daaruit voortkomt wens ik iedereen die dit leest toe, de Heer zegene u!

Getuigenis Jolanda:

jolanda1Ik ben Jolanda Timmer, getrouwd met Leo en samen hebben wij vier kinderen, Jesse, Petra, Thijs en Daniël. Ik ben opgegroeid in een gezin met drie kinderen waarvan ik de middelste ben. Wij gingen naar een kerk waar ik een Godsbeeld heb ontwikkeld waarin ik God zag als en heel strenge God, waar ik heel erg mijn best voor moest doen om goed te leven. En dit lukte niet altijd…

Toen ik 18 jaar was zijn wij als gezin verhuisd en kwamen we in een andere kerk. Ik kreeg verkering met Leo en samen waren we serieus op zoek naar onze weg met God. We gingen naar allerlei christelijke conferentie’s en ik ontdekte dat ik niet mijn best hoefde te doen om goed genoeg te zijn voor God maar dat de Here Jezus dit al voor mij heeft gedaan. Zijn sterven op Golgotha heeft ervoor gezorgd dat ik bij God mag horen. Ik wist dit nu wel maar toch twijfelde ik steeds weer of ik nu wel echt een kind van God was. Had ik nu de Heilige Geest ontvangen of toch niet?

Bij de gedachte dat ik misschien toch nog geen kind van God was en bij de wederkomst van Jezus ik niet mee mocht naar de hemel, kreeg ik het spaans benauwd. Op een avond, toen ik weer zo’n angst had, bad ik tot God of Hij mij wilde laten zien dat ik bij Hem hoorde en dat ik Zijn Kind mocht zijn. Ik dacht ik doe de bijbel zomaar ergens open en lees wat God daar tot mij zegt. Ik las het laatste gedeelte van 1 Samuël 21. Het ging erover dat David zich als een gek gedroeg zodat de koning die hem gevangen wilde nemen, hem liet gaan. Ik dacht wat moet ik hier nu mee en ik zei dit ook tegen God en ik dacht ik doe nog eenmaal mijn bijbel open en toen deed ik de bijbel open bij Psalm 34. En wat staat er boven deze psalm, “de psalm die David schreef, nadat hij zich als een gek had voorgedaan bij de koning”. Ik moest huilen van blijdschap, dat God mij zo geantwoord had en liet zien hoeveel Hij om mij geeft want Psalm 34 is een psalm vol bemoediging, er staat onder andere in “de rechtvaardigen roepen en de Heere hoort en Hij redt hen uit al hun benauwdheden”.

Het was een geweldige bemoediging voor mij. Ik had dit nog nooit zo gedaan, zomaar mijn bijbel opendoen en kijken wat God zegt, ik doe het ook bijna nooit weer maar deze keer had God mij op deze manier geantwoord. Hij is zo bijzonder en leidt ons steeds weer op andere manieren.

Toen we een aantal jaren getrouwd waren en inmiddels drie kleine kinderen hadden ging Leo voor twee weken naar Ethiopië en ik was altijd heel bang ‘s nachts als Leo er niet was. De nacht voordat Leo naar Ethiopië ging kon ik niet slapen en voelde me heel onrustig. De dagen erna kon ik niet meer eten, niet meer slapen en ik ging steeds in mijn bijbel lezen en ik dacht “zie je nu wel, ik hoor niet bij God”. Alles wat ik las zag ik als bevestiging dat ik niet bij God hoorde. Op andere momenten dacht ik weer dat God helemaal niet bestond, dat ik het allemaal maar verzonnen had, mijn gedachten waren helemaal in de war.

Op aanraden van vrienden ging ik naar de huisarts en ze zei direct na mijn verhaal gehoord te hebben, “je bent depressief”. Nou, ongeveer alle symptomen die hier bij horen waren op mij van toepassing. Ik kreeg medicijnen en die hielpen wel goed maar ik werd er erg slaperig van. Na een aantal maanden begon ik de medicijnen af te bouwen omdat ik van die slaperigheid af wilde maar de symptomen van de depressie kwamen al snel weer terug, dus weer terug aan de medicijnen.

In deze tijd zaten we nog in dezelfde kerk, maar door onder andere ontmoetingen met andere christenen en het doen van de alpha-cursus begonnen we sommige dingen anders te zien dan dat we altijd in de kerk hadden geleerd. Leo had in de bijbel ontdekt dat de mensen in de bijbel gedoopt werden nadat ze tot geloof waren gekomen (en dus niet als baby). En nadat hij aan God had gevraagd “als U wilt dat ik me laat dopen, baant U dan maar de weg”, kwamen we op een bijzondere manier in een evangelische gemeente terecht. Ik was namelijk net, vanwege mijn depressiviteit, begonnen met gesprekken bij Eleos, christelijk RIAGG en terwijl ik een gesprek had, ging Leo in het park wandelen met ons, toen nog, jongste zoontje. Hij kwam daar mensen tegen die aan het evangeliseren waren en zij vroegen aan Leo of hij in God geloofde en of hij gedoopt was. Dit was ongeveer twee weken na zijn gebed, op een dinsdag. De dag erna was er een dienst SUPRAin die gemeente en Leo ging erheen en heeft zich omdat daar de mogelijkheid voor was, die avond laten dopen, zonder van te voren te weten dat er een uitnodiging zou komen om gedoopt te worden.

Twee mensen van deze gemeente kwamen vrijdags bij ons thuis voor een “follow up” gesprek voor Leo. Maar ik had veel meer vragen dan Leo, want hij had alles onderzocht in de bijbel en ik vertrouwde erop dat dat klopte. Maar nu lieten deze mensen mij deze dingen in de bijbel zien en mij zelf lezen. En nu ik het zelf in de bijbel las, landde het in mijn hart. Ik vertelde ook over mijn onzekerheid of ik wel de Heilige Geest had ontvangen. Zij zeiden, als je de Heilige Geest ontvangt kan je in nieuwe tongen spreken, een speciale taal door God gegeven, om je zelf op te bouwen in het geloof. Ik dacht, als ik dat nu eens zou ontvangen, dan weet ik het zeker dat de Heilige Geest in mij woont. Zij baden voor mij en ik ontving deze gave. Ik was zo blij en heb me zondags ook laten dopen. Ze baden ook voor genezing van mijn depressie, ik ben toen weer gestopt met de medicijnen.

Daarna kreeg ik nog wel gedachten die mij aanklaagden, zoals eerst, maar als ik dan in tongentaal ging bidden, stopten deze gedachten. Ik deed dat steeds tot ik na enige tijd opeens dacht: “hé, ik krijg die gedachten helemaal niet meer.” Het is ook niet meer teruggekomen en het is ondertussen 15 jaar later.

Ik geloof overigens dat je de Heilige Geest ontvangt als je je bekeert hebt tot God, je zonden beleden hebt en voor Hem gaat leven. Maar ik geloof dat God zag wat ík nodig had en dat Hij mij op deze bijzondere manier geleid heeft. Hij is een God die ons ieder persoonlijk ziet, onze noden ziet en als wij Hem oprecht om hulp vragen geeft Hij die hulp ook! En Hij geeft vaak uitkomst op een manier die geen mens had kunnen bedenken dat het zo zou gaan. Er staat in de bijbel “Gods wegen zijn hoger dan onze wegen en Gods gedachten zijn hoger dan onze gedachten” en dit heb ik steeds weer ervaren. Ik heb heel veel geleerd in deze gemeente maar over sommige bijbelse zaken verschilden wij zodanig van mening, dat wij na ongeveer negen maanden uit deze gemeente zijn weggegaan. Hierna zijn we naar een andere evangelische gemeente gegaan, dichter bij huis. Door omstandigheden is deze gemeente beëindigd en hebben mijn man en ik de “Christengemeente Houten” opgestart en 9 jaar later vanuit Houten “Christengemeente Meerkerk”.

Nu ik dit getuigenis zo aan het opschrijven ben, verbaas ik me er weer over dat God, die zo groot is (er staat in Jesaja 40:12 dat God de wateren mat met Zijn holle hand), door de Here Jezus, zo dichtbij is gekomen (doordat Jezus stierf aan het kruis van Golgotha, is de weg tot God weer open). En dat de Here Jezus toen Hij terug is gegaan naar Zijn Vader in de hemel, de Heilige Geest heeft gestuurd, zodat ik -zónder dat ik zelf zo mijn best hoef te doen- kan leven zoals Hij dat wil. En ik ben erachter gekomen dat er geen heerlijker leven is, dan een leven in relatie met Hem.

Getuigenis Jacob:

Alle eer is aan God de Vader, Jezus Christus en de Heilige Geest!

1Ik, Jacob, ben op 9 februari 1975 geboren in een gezin van 4 kinderen. De oudste, een broer van 13 jaar ou

der, een zus van 10 jaar ouder, een broer van een kleine 3 jaar ouder en ik, zei de gek, ben de hekkensluiterIn mijn eerste levensjaar veranderde er in ons gezin van alles, omdat mijn vader werd getroffen door een tragisch ongeval, wat een lange ziekenhuisperiode tot gevolg had. Het leven werd anders als in de jaren ervoor. De jaren waar ik niets vanaf wist, omdat ik nog te klein was om iets te beseffen. Wel merkte ik duidelijke verschillen in mijn kinderjaren tussen de oudste 2 kinderen en de jongste 2 kinderen. In de periode van de lagere school, was ik daar niet zo mee bezig. Ik leefde, speelde, werd geplaagd omdat mijn ouders naar een andere (dat is – een zwarte kousenkerk) kerk gingen, maar dat was nou eenmaal zo.

Na de lagere school ging ik naar de Havo, ik had niet geleerd te leren, deed andere dingen i.p.v. huiswerk maken, zakte terug naar de Mavo en bleef vervolgens nog een jaar zitten. In die jaren was ik veel bezig met: hoe komt het dat het zo veel verschillen zijn tussen de oudste 2 kinderen in ons gezin en jongste 2. Waarom doen zij dingen die wij niet (meer) mogen, waarom leven zij zo anders.

Direct na het examen van de Mavo, ben ik in dienst getreden bij een hoveniersbedrijf, en met het nieuwe schooljaar ben ik begonnen aan de deeltijdopleiding Beginnend Beroepsbeoefenaar Groen, op het AOC in Houten.

Daarmee stapte ik direct de grote boze wereld in. Keurig reformatorisch opgevoed en geschoold kwam ik, als 17 jarige, in de grote boze, seculiere samenleving. Ik was volledig onbeschermd en niet weerbaar, ik had op school, letterlijk alle geloof in God verloren. Ik werd dan ook, wat men noemt een gespleten persoonlijkheid. Ik leefde vanaf dat moment in twee werelden. Doordeweeks ging ik volledig op in de seculiere maatschappij en was er niets christelijks in mij te herkennen. Ik leefde een werelds leven in al zijn facetten. Echter in de weekenden en bij kerkelijke activiteiten, was ik een serieuze, kerkelijk meelevende jongen. Ik was een ´slimme` berekenende jongen, die zich niet heel erg afzette tegen zijn opvoeding, omdat dat ten nadele van jezelf is.

In december van dat jaar ging mijn eerste officiële werkgever failliet, althans…. d.m.v. allerlei opgaaf van redenen ontdeed hij zich van alle personeel en stond ik op straat. Ik had inmiddels geleerd overal werk te zien, dus ik trad in dienst bij een firma die kaas verwerkte. Link als ik was, begon ik zonder getekend contract, zodat ik na de eerste week zonder kleerscheuren kon vertrekken, wat ook gebeurde. Een andere collega begon als hovenier voor zichzelf, nam veel werk over van onze vorige werkgever. Bij hem trad ik in dienst daar heb ik ruim 11 jaar gewerkt in tuinaanleg en onderhoud. In die periode heb ik de opleiding BB-Groen en de opleiding ZB-Groen afgemaakt, met de daarbij behorende cursussen.

Zoals ik al schreef leefde ik in die eerste jaren na de MAVO een dubbel leven. Ik had een seculiere werkomgeving die mij prima aanstond en aan de andere kant refo-vrienden en familie. En één ding wist ik al heel gauw, ooit gaat het één van de twee levens worden, want leven in twee werelden is harstikke vermoeiend. Natuurlijk deed ik, in het christelijke wereldje keurig mee, met alle tradities en gewoonte. Ging naar de catechisatie, zat in de oprichting van de JV, hing rond op jongerenavonden en deed belijdenis, want zo hoort dat en het is mooi om daar de zaak mee af te sluiten en het voorkomt veel lastige vragen.

Naar mate de jaren verstreken kregen mijn refo-vrienden en vriendinnen verkering en langzaam aan werd ik, in de ogen van de anderen, een zielige, verstokte vrijgezel. Maar niets was minder waar. Natuurlijk keek ik wel wat rond, maar iets definitiefs werd het niet. Ik zocht n.l. niet bewust naar een meisje in de refo-kringen, omdat dat niet paste in mijn plannen. Ik had niets met god. Ik kon wel vroom meepraten, maar ik had niets met: “het mocht is ooit, komen staan te gan gebeuren” en “zien is nog geen hebben” en “het zal zomaar niet gaan”, dat was voor mij een dode traditie en een opgeklopte cultuur, die vroeg of laat overboord zou gaan.

Toch werd ik toen ik 23 jaar verlief op een Refo-meisje, ik kende haar al van kinds af aan en zij had toen een zelfde soort levensstijl als ik. We verloofde ons al snel, te snel, alle spaargeld werd geïnfesteerd in huis, meubels en trouwdag etc. etc. En toen zei ze op 21 augustus 1999, sorry het feest gaat niet door. Weg meisje, weg geld (althans het meeste), weg geplande toekomst.

Maar Jacob was sterk, en Jacob zou Jacob niet zijn, als hij zijn eigen levensplan niet zou najagen. En van één ding was ik overtuigd, meisjes zijn leuk, maar de meeste zijn niet te vertrouwen. Heel generaliserend gezegd, eerst lachen ze lief, vervolgens wordt je kaal geplukt en gedumpt.

Nee, met meisjes had ik het wel even gehad. En god, een leven van genade, vergeving van zonde, geloof, gestolen kon het me worden.

Twee keer naar de kerk ging ik wel, verplicht, omdat ik thuis woonde. Verenigingsleven van de kerk… natuurlijk, want anders hoor je er niet bij. Maar daar wilde ik vanaf, dat paste niet in het plan voor mijn leven.

Ik nam twee á drie weken na de verbroken verloving het besluit om touringcarchauffeur te worden, maar dat vergt wel een opleiding. D-rijbewijs, E achter D plus de bijbehorende chauffeurs-diploma’s, en dan….

Een baan bij een touroperator, meerdaagse reizen, liefst ritten van twee weken of meer. Een leven met toeristen, een leven langs de weg, hotels, vermaak, maar vooral een ongecontroleerd leven zoals ik dat zelf wilde.

In diezelfde periode, was er een meisje die mij bond, aan vereniging en kerk. Haar verkering was ook net uit, en wij verstonden elkaar. Wij hadden het allebei (op dat moment) helemaal gehad met het andere geslacht. We zochten houvast bij elkaar, en adopteerde elkaar als broer en zus. Terwijl zij net zo hard worstelde met kerk en geloof, was zij degene die mij doordeweeks en op zaterdagavond belde. Zij was degene die wilde weten hoe ik me voelde en wat ik deed. Zij deelde haar depressies, las mij woedend de les, als ik alle geloof in god en traditie in twijfel trok. Zij was woest, omdat ik alles vaarwel wilde zeggen, terwijl ze zelf net zoveel twijfels had. Zij belde mij gerust nog zaterdagsavonds na twaalven op, om mij te laten beloven naar de kerk te komen.

En toen, en toen, en toen…

Toen kwam God in mijn leven! In een door mij afgeschreven kerk, in een door mij verafschuwde traditie en een opgeklopte cultuur. Op een zondag las de voorganger/dominee, zijn schrift-gedeelte voor, Jesaja 45, waar o.a. dit staat in vers 19:

Ik heb niet in het verborgene gesproken, in een donkere plaats der aarde; Ik heb tot het zaad van Jakob niet gezegd: Zoekt mij tevergeefs; Ik ben de HEERE, Die gerechtigheid spreekt, Die rechtmatige ding verkondigt.

Dit sloeg in als een bom. Hij preekte hier niet over, maar… ik ben vernoemd naar mijn opa, en wat heeft die oude baas mij vaak gewaarschuwd, als we samen boodschappen deden.

De voorganger preekte over: Wendt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! Want ik ben God, en niemand meer. De voorganger riep in het vuur van zijn preek en ik ben het nooit meer kwijtgeraakt:

“Als ik God was, dan was het vandaag de laatste keer, zo vaak gewaarschuwd. Zo vaak opgeroepen om je tot God te wenden. Elke keer verschuilen we ons achter het smoesje, ik kan het niet! God vraagt niet iets van ons wat wij niet kunnen. Als ik God was, dan was het vandaag de laatste keer!

Na de dienst stonden we buiten nog wat na te kletsen, de voorganger loopt langs, komt naast me staan, legt zijn hand op mijn schouder en zegt: “Zeg het maar eerlijk mijn jongen. Dat, je tot God wenden hé, dat kan je wel, maar JIJ WILT HET NIET! Wij willen niet dat Jezus Koning over ons zal zijn. We kunnen wel, maar we willen niet, dat is het probleem!” en toen ging hij weg.

Die morgen was ik om, ik heb in de auto mijn hart aan Jezus gegeven. Als U bestaat, dan ben ik hier. Ik wend me tot U! Hier ben ik, U hebt niet gezegd, zoek mij tevergeefs. God laat mij U vinden en God liet zich vinden. Simpelweg onder het rijden schonk God mij Zijn vrede.

En toen kwam ik thuis. Ik was toen 25 jaar oud. Ik woonde nog thuis, omdat het lekker makkelijk en goedkoop was. Ik vertelde waarover er gesproken was in de dienst en dat ik mij tot God had gewend en Zijn vrede had mogen ontvangen. Ik helemaal blij, in de volle verwachting als een soort verloren zoon ontvangen te worden. Kwam de eeuwige dooddoener: “Ach jongen, het zal zo makkelijk niet gaan! Er zal toch eerst nog wat moeten gebeuren, want de droefheid over de zonde zal diep doorleeft moeten worden!” ect, ect.

Bammmm….

Jacob stond binnen een uur weer met beide voeten op de grond. God had zich laten vinden! Jacob was veranderd, maar de kerk, de mensen, de cultuur en traditie bleef ongewijzigd. Jacob moest zich vooral niets inbeelden. Dat Jacob nu alles wat anders zag, dat kwam door wat er was gebeurd in het achterliggende jaar. Psychisch was dat natuurlijk zwaar geweest en daarom dacht Jacob zo, zoals hij dacht. Nee…. de meeste van mijn refo-vrienden zaten hier helemaal niet op te wachten. Jacob die met God rekening ging houden, daar is geen klap meer aan. Alleen mijn kleine (speudo)zus, die heeft het nooit in twijfel getrokken. Ze twijfelde, ze worstelde, ze wilde wel, maar durfde de zekerheid van geloof toen niet te aanvaarden.

Omdat zij één van de weinige was die mij verstond, trokken we nog intensiever met elkaar op. Er werd in die periode wat afgekletst. In het dorp, in de vriendengroep en in de kerk. Zij kreeg in die periode verkering met een leuke jongen uit onze vriendengroep. En ik, eerlijk gezegd, ik durfde me niet meer aan een relatie te wagen.

We hadden op een zaterdag in juli van het jaar 2000 een fijne avond, waar ook een harstikke leuk meisje bij was, maar…. wel 9 jaar jonger, dus voor mij onbereikbaar. Althans… ik was niet van plan een blauwtje te lopen, dus zette ik haar uit mijn hoofd. Toen ik die zaterdagavond thuis kwam, daagde ik God uit, als U wilt, dat ik opnieuw aan een relatie ga beginnen, dan moet U er zelf maar voor zorgen.

Dat weekend, werd verder een drama weekend. Roddels, verdachtmakingen, etc, etc. Kreeg zelfs het advies toch vooral ergens anders naar toe te gaan. Dat ik God uitgedaagd had was ik compleet vergeten, totdat ik die dinsdag thuis kwam en een openhartige brief trof, van dat alleraardigste meisje. God is God, en God neemt onze uitdagingen aan. Met de schrijfster van die brief ben ik nu alweer ruim 13 jaar getrouwd.

Met het vinden van God en met het krijgen van een relatie zwenkte ook mijn levensplan volledig de andere kant op. Ik wilde verandering, het verkeer bleef trekken, ik zat weer in het leerproces dus…. ik ging verder met het plannen van mijn leven. Ik voelde ergens diep van binnen de roeping tot verspreiding van het evangelie, maar toch ging ik in de jaren erna verder met een rij-instructeursopleiding.

Ik trouwde in 2003 met Antje en begon een nieuwe carrière als rij-instructeur en startte daarnaast mijn eigen rijschool. Alleen wat ik nog niet geleerd had, dat was vragen naar wat Gods plan voor mijn leven was. Aanvankelijk groeide in die eerste jaren de bomen tot in de hemel, we zagen alle voorspoed als zegen van God, maar we leefde ten diepste ons eigen leven.

In 2004 mocht ons huwelijk gezegend worden met de geboorte van onze dochter Matthea Anne Jacoba (Matthanja). In 2005 was onze 2de kindje opkomst. We woonde nogal klein, daarom gingen we verhuizen. Op de dag van de sleuteloverdracht ging het mis. We verloren ons kind, waarvan niemand nog iets wist, midden in die hectische tijd van verhuizen. Een maand later verloor ik mijn baan als instructeur, terwijl de eigen onderneming nog niet draagkrachtig genoeg was, om een volledig inkomen te genereren.

Geestelijke en maatschappelijke crisis, God wat wil U ons zeggen? Welke kant moeten we op? Wat wil God van ons? Solliciteren… als wat? Hovenier, produktie-zager, rij-instructeur, taxi-, touringcar- of vrachtautochauffeur? We raakten in die tijd veel contacten kwijt, want als God je zo tegenkomt is er iets mis in je leven. Eén van de weinige contacten die overbleef was het contact met mijn (pseudo)zus.

Het was een periode van solliciteren… Bij alle sollicitaties werd ik afgewezen, tot er één was die z’n afwijzing introk. Vanaf dat moment was ik touringcarchauffeur en begon ik aan een nieuwe carrière en aan een heuse huwelijkstest. In dat beroep gaat je hele sociale leven naar de Filistijnen. Binnen 3 maanden wist ik dit gaat het niet worden, maar daarmee heb je nog geen andere baan.

In die tijd kwamen we op een interkerkelijk bijbelstudiegroep, en kregen we zicht op… de genadige voorzienigheid van God en het voor de 100% gered worden/zijn door het bloed van Jezus.

Maar ook… de 100% eigen verantwoordelijkheid (eigen keuze) voor je eeuwig behoud.

We zullen zelf het verlossende werk, dat Jezus voor de volle 100% heeft volbracht moeten aannemen/aanvaarden. Jezus zegt: “Ik sta aan de deur en ik klop……” Wij moeten opendoen… Wij hoeven niet te wachten tot Jezus de deur zal openbreken, want geloof me, dat gaat niet gebeuren. God wil uit liefde uit vrije wil gediend worden, Hij houd zoveel van ons, dat Hij onze keuze respecteert. Dat botste zo met ‘onze’ reformatorische kerk, dat alle dialoog onmogelijk werd. We bleven daardoor vaker uit de kerk, wat geen bevrediging gaf. Toen we na enige tijd bij een Vrij Evangelische Gemeente een dienst bijwoonde, zijn we daar blijven hangen.

Na negen maanden touringcarchauffeur te zijn geweest, kon ik bij mijn huidige werkgever aan de slag. Een gebedsverhoring, niet het beroep wat ik als eerste op mijn planning had staan. God had, denk ik zoiets van… Ik gaf jou een rijbewijs voor een vrachtauto, dus ga je voorlopig rijden op een vrachtauto. Een redelijke regelmatigheid, alle avonden thuis eten met je gezin e.d.

Ons gezin breidde zich uit, onze derde zwangerschap werden gezegend met een tweede dochter, Anneke Johanna (Jowanne) kort daarna breidde ons gezin zich nogmaals uit, en werd ons een derde dochter toevertrouwd, Lydia Elianne (Lizette). Die twee zwangerschappen liepen gelijk op met de zwangerschappen van mijn (pseudo)zus, alsof op één of andere manier onze levens met elkaar vervlochten waren. Onze twee jongste dochters en haar twee jongste zonen schelen slechts enkele dagen in leeftijd.

Alles leek redelijk, maar toen….

In 2010 kreeg Antje darmklachten, na onderzoek werd een chronische darmziekte geconstateerd met alle mogelijke consequenties.

Februari 2012 wordt mijn (pseudo)zus op 29 jarige leeftijd, door haar Heer’ en Heiland thuisgehaald na een tragisch ongeval.

In de Herfstvakantie van 2012 komt Antje in het ziekenhuis door verkeerd medisch handelen t.a.v. haar chronische kwaal, door de mdl-arts. Ze gaat zo snel achteruit, dat er nog twee mogelijkheden overblijven. ’s Avonds na het bezoekuur, krijg je dat aan de balie van de afdeling te horen. A: Een medicijn via het infuus en als dat niet aanslaat B: een darm-verwijderende operatie, maar meneer De Leeuw: “houd u er rekening mee, het kan ook fout aflopen. Prettige avond nog en tot morgen”. Dat was een lange nacht, God dank, God verhoorde de vele gebeden, het medicijn sloeg wonder wel snel aan.

Jaren gaan snel, de gemeente waar we lid waren geworden, bleek toch ook een gemeente buiten het paradijs. We begonnen geestelijk wat uitgehongerd te raken, dus dan ga je bijsnoepen, om verzadigd te raken. Als je uitgehongerd ben, ben je ook vatbaar voor de boze. Op een zondagmorgen hadden wij thuis een ontzettende ruzie, toen we tot bezinning kwamen realiseerde wij ons dat we daarmee het mooiste van de dag aan ons voorbij hadden laten gaan, de dienst. Op internet gezocht, want Antje had ergens iets gelezen over een nieuw gestarte gemeente in Meerkerk. Zo kwamen we in deze kleine net gestarte gemeente terecht….

Deze gemeente is nog klein en er is oog voor elkaar. Er waren daar al snel mensen die merkten (gewerkt door de Heilige Geest) dat ik ergens mee worstelde. Al jarenlang wist ik dat de belijdenis, die ik op 13 april 1998 had uitgesproken, geen belijdenis was geweest, maar een leugen!

Ik geloofde namelijk helemaal nergens is, zelfs niet dat de bijbel de waarheid zou zijn. Ik had slechts al die traditionele handelingen gedaan om lastige vragen te omzeilen.

De tweede worsteling waar ik mee zat, was dat ik de roeping die God op mijn hart had gelegd, in de wind had geslagen. Ik had het weleens gedeeld, dat ik me geroepen voelde tot verkondiging van het evangelie, maar de oudstenraad blokte elke medewerking en ondersteuning af. En Jacob gaf deze mannen grif gelijk en daarmee ging hij net als Jona van weleer rechtstreeks de andere kant op. Jacob ging weer een weg op die God niet voor hem bedoeld had.

De leiding, de voorgangers en gemeenteleden van deze kleine gemeente moedigen je aan en bidden met je om de leiding van de Heilige Geest, ook als je er zelf niet om vraagt.

Na een jarenlange worsteling voelde ik van Godswege, dat ik mijn leugenachtige belijdenis moest herroepen. Belijden dat deze belijdenis, geen belijdenis was van geloof in God.

Stapje voor stapje heeft God mij laten zien, door preken, getuigenissen,

bijbelstudies, door de werking van de Heilige Geest. Jacob… gehoorzaam Mij… belijd je

leugen van weleer openlijk!

2

Belijd Mij, oprecht, eerlijk en openlijk en Iaat je dopen in geloof…….

Mijn ouders hebben mij als kind laten dopen door besprenkeling en daar ben ik ze dankbaar voor! Daarmee hebben ze mij bij God gebracht, en een teken van Gods verbond meegegeven, zoals de besnijdenis van weleer, (zo ervaar ik het) ze hebben mij met hun beste kunnen en weten opgevoed, maar geloof en bekering konden ze mij niet geven. God heeft daarmee gezegd dat ik bij Hem hoorde vanaf mijn kinderjaren. Door Zijn liefde heb ik zelf de keuze voor Jezus mogen maken. Wie zou zoveel rijkdom opgeven, om te sterven aan een kruis, om mij te redden, om tegen mij te zeggen:

Ik….   Jezus, deed dit Speciaal voor Jou.

Daarom…

          3Heb ik mij op 5 juni 2016 laten dopen!

Ik zal (samen met ons gezin) op zoek gaan naar de weg en

de roeping die God voor mij (en ons gezin) heeft!

Wees gezegend!

Getuigenis Ton Slagboom:

(AugustTonus 2015) Mijn naam is Ton Slagboom, 42 jaar en 18 jaar getrouwd met Jantine. Ik heb ervaren – en nu nog steeds – dat God ons naast elkaar heeft gezet. Jantine en ik hebben verschillende karakters en hebben van onze Schepper verschillende talenten gekregen. Die verschillende karakters en talenten vullen elkaar aan en dat beleef ik als het hebben van een “gemeente in het klein”. We genieten van elkaars aanwezigheid en kunnen elkaar positief vermanen tot opbouw van onze onderlinge relatie, tot opbouw van de relatie met onze zoon en tot opbouw van onze relatie met God. De basis van dit alles is LIEFDE en intens dankbaar zijn voor de ontvangen liefde van God, van onze zoon en van mijn partner.

Jezus is belangrijk voor me en dat is Hij al van kinds af aan. Zeer waarschijnlijk vanaf het moment dat ik – als kind – naar “In De Ruimte”-kampen ging (een kinderkamp die door sport en spel en aanbidding de boodschap van Christus doorgeeft aan kinderen tussen de 6 en 12 jaar). De toen gezongen liedjes en de evangelische sfeer plantte zaadjes in mijn hart en van daaruit ben ik gaan groeien in het geloof.

In mijn dagelijks leven ben ik Functioneel Ontwerper en Senior Consultant bij een softwarebedrijf, gespecialiseerd in het ontwikkelen van applicaties voor het ondersteunen van processen in de Petrolchemie-Branche. Dagelijks is mijn uitdaging een balans te vinden tussen werk en (het met God) leven.

Mijn geloofsbeleving kent bergen en dalen en dat is volledig te koppelen aan mijn balans tussen werk en leven (met God). Wanneer de balans helt naar teveel werken, is mijn geloofsbeleving laag en zo was dat ook in de afgelopen 6 jaar. God heb ik in de afgelopen jaren weinig aandacht gegeven en daardoor ging ik steeds meer een grote afstand tussen mij en God ervaren. Ik wist ook dat God deze afstand niet had gecreëerd maar dat ik dat zelf heb gedaan. Die afstand knaagde aan me en daarom heb ik anderhalf jaar geleden besloten op zoek te gaan naar samenkomsten waarin Jantine en ik gestimuleerd worden om weer actief bezig te zijn met onze persoonlijke relatie met God. Al snel – zelfs door een 011tip van mijn moeder – hebben we zo’n gemeente gevonden en al bouwende aan mezelf en mijn relaties heb ik mij afgelopen maart mogen laten dopen. Deze doop zie ik als een mijlpaal om drempelloos verder te bouwen aan mijn relatie met God, verder te bouwen aan Zijn Gemeente en ter herinnering dat ik nooit meer zo’n onderlinge afstand wil ervaren.

In september vorig jaar heeft Leo Timmer tezamen met anderen “Christengemeente Meerkerk” opgestart. Datgene waar ik juist al jaren naar heb verlangd, het in mijn woonomgeving thuis voelen in een gemeente met een evangelische grondslag. Sinds december ga ik daar wekelijks naar toe en woon ik ook de bidstond en bijbelstudies op de woensdagavonden bij. Dat wat nu plaatsvindt in Meerkerk in deze prachtige “nieuwe” gemeente ervaar ik als een God’s geschenk en ik dank Hem daar dagelijks voor. Christengemeente Meerkerk zie ik als de gemeente waarin ik me thuis mag voelen en waarin ik wil meebouwen aan het uitbreiden van God’s Koninkrijk waarin Zijn Liefde de boventoon voert en niet hoe zondig we zijn. Galaten 5 vers 1 is daar duidelijk in: “Christus heeft ons dus de vrijheid gegeven. Dat is pas echte vrijheid! Laat u die niet ontnemen door weer een slaaf van wetten te worden.”

In Christus verbonden en welkom in deze warme gemeente.
Ton Slagboom